Je mag zijn wie je bent, Met fouten en gebreken

Om te kunnen worden wie je in aanleg bent

En je mag het worden Op jouw wijze

En in jouw uur

 

De volgende principes zijn richtinggevend voor ons onderwijs:

  • Oog voor talent
  • het gebruik van activerende werkvormen;
  • begeleid zelfstandig leren;
  • participatie

Deze principes hebben één zaak gemeen: de leerling is een actieve participant in zijn eigen leerproces. Ons geloof in het unieke van elke leerling in zijn streven naar zelfrealisatie sterkt ons in deze aanpak. Daarom willen we mogelijkheden creëren voor de groei van iedereen. De nadruk ligt op de eigen activiteit, het ontdekken van de eigen talenten, het plannen, het werken in team, het in de hand nemen van het eigen leerproces, het begeleid zelfstandig leren … het zijn stuk voor stuk elementen die we bij elke leerling willen aanmoedigen. Op die manier proberen we zoveel mogelijk een onderwijs op maat van elke leerling te creëren.

Daarbij hebben we oog voor een geleidelijke opbouw. De leerlingen worden stapsgewijs geholpen om via de bovenstaande principes een goede studiehouding eigen te maken. Op die manier zijn ze optimaal voorbereid op hun verdere (studie)loopbaan.

De leraar is in dit hele proces een belangrijke bron van inspiratie door zijn enthousiasme en inzet, zijn vakkennis, zijn didactische bekwaamheid, zijn betrokkenheid en zorg. Hij bewaakt dat elke leerling het beste van zichzelf kan geven en creëert zo samen met de school ruimte om te groeien.

 

Oog voor talent

We streven naar een onderwijs dat jongeren zoveel mogelijk kansen geeft om hun eigen talenten, interesses, sterktes en zwaktes te leren kennen. Dit doen we vanaf het eerste jaar, met een duidelijke opbouw en link naar het studiekeuzeproces.

Waarom?

Motivatie is één van de belangrijkste hefbomen om tot leren te komen. Wanneer leerlingen gemotiveerd zijn, zal immers hun welbevinden en betrokkenheid toenemen, en dit zet ieders voelsprieten tot leren open.

Daarom is het onze overtuiging dat een school een plaats hoort te zijn waar er ruimte is voor een brede waaier aan interessegebieden en kennisdomeinen. Deze laatste categorie behoort als het ware tot het DNA van een school en wordt  o.a. weerspiegeld door alle vakken die behoren tot het curriculum van de verschillende richtingen.  Hierin is het onze taak om leerlingen te begeleiden en te ondersteunen in het verkennen van deze kennisdomeinen. Zo ontdekt ieder waar zijn interesse meer of minder naar uitgaat, waar hij meer of minder aanleg voor heeft…

Toch willen we als school nog verder gaan, en op een creatieve manier leerlingen in contact brengen met andere (aspecten van) interessegebieden, soms zelfs onbekend voor een aantal leerlingen. We willen hen als het ware de kans geven te proeven om zo te ontdekken wat ze graag doen, waar ze goed of minder goed in zijn.

Door deze combinatie willen we dat leerlingen een positief en realistisch zelfbeeld ontwikkelen. Dit zorgt ervoor dat op elk scharniermoment in het onderwijsgebeuren weldoordachte en  gedragen studiekeuzes kunnen gemaakt worden die leiden tot succeservaringen.

Hoe?

We voorzien in de lessentabel vanaf het eerste jaar ruimte voor talenturen. Hier worden per graad verschillende keuzemodules aangereikt waarbij leerlingen de mogelijkheid hebben om te proeven van verschillende interessegebieden en/of mogelijke talenten kunnen verkennen. `

De rol van de leraar

Het is aan de leraar om leerlingen te begeleiden in het verkennen van de verschillende interessegebieden. Daarnaast is het vooral aangewezen om feedback te geven en leerlingen aan te zetten tot zelfreflectie.

 

Activerende werkvormen

We streven naar een onderwijs dat jongeren zoveel mogelijk stimuleert om actief met de leerinhouden aan de slag te gaan. Activerende werkvormen zijn interactieve methodieken om de leerlingen allemaal tegelijk vanuit werkelijkheidsgetrouwe opdrachten actief te betrekken bij hun eigen leerproces. Daarbij is er ook de ruimte voor creatieve en expressieve vormen van verwerking van leerstof.

Waarom?

Afwisseling tussen verschillende activerende werkvormen maakt een les prettiger, het versterkt opnieuw de motivatie en betrokkenheid van de jongeren en schept ruimte voor differentiatie i.f.v. noden en behoeften van elke leerling. Deze variatie heeft bovendien als groot voordeel dat de leerling tegelijkertijd ook zijn schoolse taalvaardigheid ontwikkelt. Daarnaast creëren deze werkvormen kansen om elke leerling volgens zijn capaciteiten aan bod te laten komen en zo te doen groeien. Ook laten ze toe om verschillende leerstijlen aan te spreken.

Aandacht voor de samenwerking tussen leerlingen versterkt nog het actieve leren. Je krijgt een beter inzicht als je uitgedaagd wordt om je gedachten onder woorden te brengen en daar feedback op krijgt. Het leren van leerlingen wordt krachtiger als ze regelmatig met elkaar overleggen en hun expertise delen. Daarom nemen allerlei vormen van samenwerkend leren een belangrijke plaats in.

 

Hoe?

Voorbeelden van activerende werkvormen zijn: Denken-Delen-Uitwisselen; Verdeelde informatie, Check-in-duo’s; Genummerde hoofden tezamen; Expertgroepen; Drie stappen interview; Bekend-benieuwd-bewaard; Hoekenwerk; Excursies; Projectwerk, Casussen,…

De rol van de leraar

Het is aan de leraar om te beschikken over een waaier aan methodieken en daarbij een keuze te maken uit de meest geschikte voor deze specifieke leerstof, voor deze leerlingen, in deze situatie.

 

Begeleid zelfstandig leren

Wat?

Begeleid zelfstandig leren is een onderwijsmethode waarbij de sturing van het leerproces gedeeld wordt door leerling en leraar, en die betrekking heeft op een afgebakend leerstofonderdeel binnen een bepaalde tijd. Actief en zelfstandig leren is een proces met vier stappen. Het verloopt van 1) zelf werken naar 2 ) begeleid zelfstandig werken en 3) begeleid zelfstandig leren naar 4) zelfverantwoordelijk (zelfgestuurd) leren.

Elk van deze stappen heeft zijn eigen kenmerken. Als het gaat over de vraag: wie bepaalt wat er gebeurt, waar en wanneer dit gebeurt, hoe, en met welk resultaat… dan zie je binnen deze evolutie een steeds grotere rol voor de leerling. Van uitvoerder wordt hij autonome leerder. Binnen deze evolutie wordt er dus stapsgewijs meer ruimte gegeven voor de eigen leerweg.

Waarom?

We streven naar een onderwijs dat de betrokkenheid van de leerling op zijn eigen leerproces zo sterk mogelijk maakt door hem te leren de verantwoordelijkheid voor dat leerproces in eigen handen te nemen.

Een groot voordeel van begeleid zelfstandig leren is dat leerlingen kunnen werken volgens hun eigen tempo. Wie dat wenst, kan vooruitwerken. Wie moeite heeft met een bepaald leerstofonderdeel, krijgt de kans daar intensief mee bezig te zijn. Waar de leerstof het toelaat en/of waar dat nodig is, worden remediëringsoefeningen voorzien voor die leerlingen die moeilijkheden hebben met bepaalde onderdelen.

Hoe?

Hierbij zijn er verschillende mogelijkheden. De leerlingen krijgen een gedetailleerde planning. Die beschrijft voor een langere tijd van bv. een week  hun opdracht per lesuur: welke oefeningen, groepsopdracht of individuele opdracht, ict-oefeningen, klassikaal moment, correctiesleutels … Op die manier kunnen leerlingen volgens hun eigen tempo op eigen houtje of in kleine groepen werken.

Daarnaast gebruiken sommige vakken studiewijzers. Een studiewijzer is een soort van stappenplan dat leerlingen zelfstandig door een deel van de leerstof leidt.

Alleszins zullen vaak sleutels of oplossingsbladen beschikbaar zijn om leerlingen toe te laten te werken volgens hun eigen tempo. Ook deze zullen ze kritisch moeten leren gebruiken.

Ook het differentiëren in ondersteuningsniveaus waarbij de leerlingen kunnen kiezen tussen meer of minder hulp bij het uitvoeren van een opdracht, is een mogelijkheid.

Een belangrijk aspect binnen begeleid zelfstandig leren, is zelfreflectie. Leerlingen denken aan de hand van een aantal opdrachten, stellingen, of criteria na over hun aanpak, hun resultaten, hun werken in groep. Op basis daarvan bepalen ze welke werkpunten ze hebben om het een volgende keer beter te doen. Dergelijke vormen van zelfevaluatie- leren uit je fouten- zijn de basis voor levenslang leren.

De rol van de leraar

De leraar speelt een cruciale rol. Hij begeleidt de leerling en voorziet materialen die het mogelijk maken dat leerlingen zelfstandig aan de slag kunnen. Zo stimuleert hij het leren van de leerling. Uiteraard blijft klassikale instructie soms nodig, het een sluit het ander dan ook niet uit. Belangrijk om weten is echter dat de leraar niet langer alleen kennis overdraagt, hij begeleidt leerprocessen.

 

Participatie

Wat?

Participatie, d.w.z. het rekening houden met meningen, wensen, zorgen van de verschillende partijen in het onderwijsgebeuren, is een belangrijke pijler in onze school. Op allerlei manieren krijgen de verschillende geledingen (ouders, leerkrachten, leerlingen) de kans om de school mee te maken en mee de ‘school te maken’.

Bij deze open schoolcultuur hoort ook een open klascultuur. In én buiten de les kunnen leerlingen mee verantwoordelijkheid nemen. Participatie is bovendien inherent aan al de hierboven vermelde principes. Begeleid zelfstandig leren waarin leerlingen groeien naar zelfsturing van hun eigen leerproces, waarbij actieve werkvormen gehanteerd worden en rekening wordt gehouden met leerstijlen veronderstelt een grote betrokkenheid van de leerling die resulteert in een hoge graad van participatie in het leren.

Waarom?

Deze participatie verhoogt opnieuw de betrokkenheid en het welbevinden van de leerlingen. Beide factoren zijn ontegensprekelijk mee bepalend voor de prestaties.

Hoe?

Of het nu gaat over afspraken rond het inleveren van een taak, de plaatsen in een klas, het examenrooster, het meedenken over de criteria waaraan een werkstuk moet voldoen, het nadenken over de reden van tegenvallende resultaten, het bijhouden van een portfolio om de eigen evolutie te illustreren… op verschillende manieren krijgen leerlingen de kans mee te beslissen over de gang van zaken en te reflecteren over de evolutie in hun eigen leerproces. Deze participatie betekent uiteraard niet hetzelfde als ‘alles te zeggen hebben’. Het veronderstelt immers ook vanuit een sterke betrokkenheid verantwoordelijkheid nemen en meedenken.

Rol van de leraar

Mogelijkheden openlaten voor participatie veronderstelt van de leraar een grote openheid en flexibiliteit. Hij moet ook een sterke luisterbereidheid aan de dag leggen in respect voor de andere. Hij moet bereid zijn telkens opnieuw het gesprek aan te gaan. Hierdoor worden afspraken vastgelegd waarbij de verwachtingen duidelijk zijn voor alle partijen.